dinsdag 6 april 2021

Geëmigreerd en 15 jaar verder, waar sta ik nu? Tijd voor zelfreflexie... (3e en laatste)

Bij Pole Emploi (arbeidsbureau) bleek dat ik een nieuwe conseillère (consulente) had gekregen. Na een teleurstellend onderhoud in 2013 met een andere vrouw die toen tegen me zei dat ze, behalve ‘me inschrijven’, niets voor me kon doen, was ik daar nooit meer geweest.
Die vrouw had me indertijd geringschattend aangekeken, waardoor ik van de zenuwen helemaal niets meer van mijn Frans bakte. Ik voelde me zo ongelooflijk Nederlands en onbeholpen, door haar ogen zag ik de onmogelijkheid van mijn positie, wat weer haarfijn aansloot bij mijn eigen gevoel van falen en onvermogen.

Maar gedreven door mijn hevig verlangen om uit de problemen te komen en geld te gaan verdienen had ik nu, drie jaar later de stoute schoenen toch weer aangetrokken en bij Pole Emploi aangeklopt.
Deze veel jongere vrouw begroette me hartelijk. Aangemoedigd door haar welwillende houding en ook doordat ik inmiddels toch wel beter Frans sprak vertelde ik haar  over mijn problemen om in Frankrijk te integreren en werk te vinden. Dat ik inmiddels zoveel had geprobeerd en dat ik niet meer wist hoe ik het aan moest pakken en nog belangrijker, dat ik niet meer wist wat ik nu verder nog zou kunnen. Ik was het vertrouwen in mijn keuzes kwijtgeraakt.

De conseillère begreep me helemaal en noteerde alles in mijn dossier. “ Op het moment zijn er volop mogelijkheden om u via Pole Emploi te ontwikkelen”  zei ze vriendelijk. “Maar laten we bij het begin beginnen met een ‘Bilan de compétences’ (beoordeling van vaardigheden). Eens kijken welk beroep nu werkelijk geschikt voor u is!”
“Oh wat fijn, weet u, ik wil zo graag werken en iets betekenen voor deze omgeving!” zei ik enthousiast. “Alors, dan gaan we daar aan werken,” antwoordde de vrouw vol vertrouwen, “mensen als u hebben we hier nodig!”
Op de terugweg naar huis echode haar woorden na in mijn oren… Ik was nodig, ik was nodig!
Alles zal veranderen! Jubelend zat ik achter het stuur, ik kon m’n geluk niet op. 

Vier weken later was het onderzoek afgerond. Met een jong meisje van het 'Compétences bureau' had ik allerlei lijsten ingevuld en besproken en  de conclusie was dat ik absoluut niet geschikt was voor de Horeca en ook niet voor het werken in de ouderen en jongerenzorg, maar dat wist ik al. Waar ik wel geschikt voor was, was weer gewoon voor mijn werk als artiest, als schrijfster/vertaalster en vanwege mijn sociale achtergrond werken als coach. Maar ik had alleen maar mijn Tarotkaarten, ik had steun nodig via een echte coachopleiding. Nu kon je via Pole Emploi cursussen vergoed krijgen maar het meisje kon me zo al wel vertellen dat dit natuurlijk niet gold voor zo’n dure particuliere coachopleiding. Die optie viel dus af!  

Dus vier weken na aanvang stond ik met de uitkomst van mijn ‘Bilan de compétences’ nog steeds voor dezelfde onmogelijkheid.
Het zou het beste zijn als ik zou investeren in mijn beroep als artiest/waarzegster. Een nieuwe aanpak, goede Franse website en reclamemateriaal en vooral een kostuum passend bij mijn leeftijd.
De moed zakte me in de schoenen, want wat had ik daarvoor nodig?  Juist: geld.
Een dag later zat ik wat murw zonder veel hoop achter mijn computer te kijken op de site van Pole Emploi. En daar tussen al die baantjes die niets voor mij waren stond het ineens:
Gevraagd twee werknemers in een naaiatelier in het kader van een ‘atelier d’insertion’.

Ik  wist dat zo’n 'atelier d'insertion' een sociale werkplaats was waar mensen die ver van de arbeidsmarkt verwijderd zijn onder begeleiding kunnen werken aan terugkeer naar een werkzaam leven.
Een naaiatelier! Daar zou ik nou nooit aan gedacht hebben maar iets erin sprak me aan.
Vroeger had ik nog wel eens zelf kleren in elkaar geflanst, dat vond ik eigenlijk best leuk. “Maar een sociale werkplaats is wel een heel laag niveau” fluisterde een angstig stemmetje in me. “Ja, maar het is toch ook creatief werk!” wierp een ander stemmetje tegen. Zo zat ik wat te dubben toen ik ineens een ingeving kreeg. “Verrek, ik ken die vrouw die daar technisch begeleidster is.”
Ze was klant in ons café, een vriendin van een muzikant. Nadine, een leuk mens, ik wist dat ze oorspronkelijk kostuumnaaister van beroep was. Ik had destijds altijd leuke gesprekken met haar aan de bar. 


Ineens zag ik het voor me! Werken in een naaiatelier, iets compleet anders!
Misschien zou ik hiermee de vicieuze cirkel waarin ik vastzat kunnen doorbreken!


Resoluut pakte ik de telefoon, ik wilde het met haar bespreken. Geweldig, ik had zelfs haar telefoonnummer nog!
Zij reageerde ook meteen erg enthousiast: “Ja het zou ideaal voor jou zijn! Je kunt bij ons werken aan jezelf en aan je Frans, je komt uit je isolement én je kunt geld verdienen zodat je daarna kunt investeren in je bedrijf!”
Ze legde me uit dat deze vacature via Pole Emploi ging, dus dat ik hen een sollicitatiebrief moest schrijven, die zou dan vervolgens weer bij haar terechtkomen. “Oh… dat ga ik direct doen!” reageerde ik blij en enthousiast door de telefoon.
Het was zaterdag en de hele middag zat ik ijverig te schrijven en ‘s avonds was de brief via de mail verstuurd, inclusief een persoonlijk berichtje aan mijn consulente waarin ik haar mijn motivatie toelichtte.  

Vol verwachting controleerde ik maandag elk uur mijn mailbox. Er kwam geen reactie van mijn aardige consulente. Dinsdag ook niet, en vrijdag nog steeds niet. Was er iets mis gegaan? Wat moest ik doen ? Ik wilde niet pressen, misschien was ik wel veel te ongeduldig?
Anderhalve week later kreeg ik een telefoontje van Nadine van het atelier: “Liesbeth, waarom heb je nog niet geschreven? We gaan eind van de week met de gesprekken beginnen. Wil je het nog wel?”
Ik was met stomheid geslagen. “Ik heb wél geschreven! Zelfs de dag dat wij elkaar gesproken hebben!”
“Nou ja, dat geeft niet,” antwoordde ze resoluut. “Vrijdag komen alle sollicitanten, kom dan ook en neem de brief en je cv mee.”  “Ok, graag Nadine! Dank je wel!”

Verbluft zat ik met de telefoon in m’n handen. Het was wéér gebeurd! Die aardige consulente had gewoon mijn sollicitatiebrief niet doorgestuurd waardoor ik zelfs de kans niet had om aangenomen te worden.
Dit was dus wéér iemand die heel vriendelijk in mijn gezicht was geweest, die had gezegd dat ze me begreep, dat ze me zou helpen en zelfs suggereerde dat de omgeving mensen zoals ik nodig had, maar die uiteindelijk niets deed.
Dit gedrag, waar ik al die jaren op stuk gelopen was, waardoor ik geen vertrouwen in mijn intuïtie meer had, had me mijn laatste sprankje hoop en vertrouwen kunnen afnemen.
Maar deze keer liep het anders: Ik had een andere ingang: Ik kende iemand in een kaderpositie!!!


Op 15 oktober 2016 begon mijn baan op het naaiatelier. Sindsdien is mijn leven, persoonlijke ontwikkeling en integratie in Frankrijk in een stroomversnelling gekomen.
Ik heb tot de bodem moeten gaan! Qua sociale positie was ik in de laagste sociale klasse terecht gekomen.
“Oh, werk je daar als begeleidster?” vroegen vrienden en familie toen ik vertelde van mijn baan. “Nee, ik werk daar als arbeidster!” antwoordde ik dan trots en beschaamd tegelijk.

Ik heb een jaar in het atelier gewerkt. Het was een bewogen jaar met momenten waarop ik hartgrondig dacht: Wat doe ik hier!
Het is een heel hiërarchische wereld. In feite waren er twee équipes: de begeleidsters, dit waren leuke intelligente onafhankelijke vrouwen met hetzelfde opleidingsniveau als ikzelf, maar daar hoorde ik dus niet bij. Ik hoorde bij de andere équipe van laag of niet opgeleidde vrouwen (“les filles”) die het naaiwerk deden en hulp nodig hadden.
Dat was in het begin heel moeilijk. Ik moest mijn trots opzij zetten en aanvaarden dat ik soms stompzinnig werk moest uitvoeren zoals een kast met lappen uit- en inruimen omdat er niet genoeg naaiwerk was. Op zo’n moment was het voor iemand die altijd eigen baas is geweest zoals ik, tergend om onderaan de ladder te staan!   

Gelukkig begrepen Nadine en de andere begeleidsters mijn positie en kreeg ik privileges. Als er niet genoeg werk was mocht ik Frans studeren in plaats van stompzinnige klusjes doen.  
Daarbij was er juist toen ik begonnen was paniek in het atelier, er zou niet voldoende subsidie zijn voor het komende jaar. Een aantal begeleidsters werden ontslagen. Toevallig had ik een vriendin in Nederland die ook begeleidster was op zo’n zelfde naaiatelier in Nederland. Dat Nederlandse bedrijf draaide volledig op eigen kracht, zonder subsidies. Ik had ideeën over hoe wij dat aan zouden kunnen pakken en ik kreeg toestemming om dat onder naaitijd uit te zoeken in de computerkamer.  Er kwamen mensen van het hoofdkantoor in Clermont-Ferrand om met mij hierover praten.

"Les filles” van mijn équipe waren in eerste instantie wantrouwend naar mij, het spande erom! Eén van de dominantste vrouwen begon me onderhuids te ondermijnen, door tijdens mijn afwezigheid mijn naaiwerk en mijn naaiattributen te verplaatsen, zodat ik ze moest gaan zoeken als ook ik weer achter de naaimachine moest. Dan werd er gegniffeld achter mijn rug. Toch zette het pesten gelukkig niet door, blijkbaar vonden ze me toch te aardig en accepteerden ze mijn uitzonderingspositie. Ik was anders, dat zagen zij ook wel! Nadine zei dat ik haar wel mocht tutoyeren omdat we elkaar nu eenmaal al vriendschappelijk kenden, dat was logisch. En voor mijn (te) harde werken vonden ze een goede verklaring waardoor de vrede weer hersteld werd: Ik kwam uit het noorden, die mensen werken nu eenmaal harder en zijn ambitieuzer.


Ik bloeide op, ondanks alle ups en downs en ik zag dit ook gebeuren bij de andere “filles.”
Vaak wordt er heel laagdunkend gedaan over dit soort ateliers maar ik heb vanuit eigen ervaring geleerd wat een goede functie ze hebben. Iedereen krijgt de kans om zich op z’n eigen niveau te ontwikkelen.
Ik heb een tijdje onderzocht of het vak van begeleidster van zo’n atelier iets voor mij zou zijn. Als ik had gewild, dan had ik nog een jaar langer moeten blijven werken, zodat ik onder werktijd ook de opleiding zou kunnen doen. Maar ondanks dat ik het een heel goed beroep vind besloot ik het toch niet te doen. Het is een wereld van regels en hiërarchie, daar pas ik niet tussen. Ik besloot dat ik liever gewoon zelfstandig coach wilde worden. Dus na een jaar vertrok ik, iedereen begreep het!


Op 15 oktober 2017 stond ik weer op straat. Nog steeds geen ander werk maar alles was veranderd.
Henk had inmiddels vervroegd pensioen dus we hadden een basisinkomen. De laatste schulden waren afbetaald.  Doordat ik veel beter Frans sprak en door alles wat er dat jaar gebeurd was had ik weer zelfvertrouwen. Maar het allerbelangrijkste: ik had contacten!
Want ondanks dat ik had gewerkt op de onderste laag van de arbeidersklasse was ik opgemerkt bij mensen in kaderfuncties.


Het balletje ging rollen: Ik was geïntegreerd en werd geaccepteerd.
Mijn begeleidster werd een vriendin, ik meldde me aan bij een vrouwen ondernemers netwerk in Clermont-Ferrand. Mijn werk als artiest/waarzegster ging beter lopen.
De directrice van Pole Emploi, die ik ook dat jaar via het atelier had ontmoet, regelde dat ik een opleiding NLP in Avignon kon volgen. Dat was ook weer een geweldige uitdaging en ervaring!
In 2019 werkte ik 4 maanden bij de ANWB om een vervolgopleiding NLP te kunnen bekostigen. 4 maanden op kamers in Lyon, heerlijk. Weer eens verblijven in een grote stad. Deze opleiding ging door te weinig deelnemers niet door, maar bij ‘toeval’ kwam ik in aanraking met een opleidingsinstituut tot Humanistische Hypnose in Parijs en Lyon. In ruil voor een opleiding heb ik 2 boeken vertaald van het Frans naar het Nederlands….  De opleiding volg ik nog steeds.

Dus dankzij één Frans contact, mijn reddende engel Nadine van het naaiatelier is de deur naar echte integratie in Frankrijk voor mij opengegaan. 
Alles draait om de taal spreken maar vooral contacten hebben!
Achteraf zie ik ook wat een rijke periode ik achter de rug heb. De financiële- en taal problemen hebben me compleet op mezelf teruggeworpen. En ja, je kunt je dromen waarmaken, maar de weg ernaartoe gaat niet altijd zoals je gedacht had.  
Ik heb aan den lijve ondervonden hoe het voelt om “vast” te zitten, om je wanhopig te voelen en dat je er toch weer uit kunt komen! In mijn geval door een “knieval” te doen en daarna genoegen te nemen met de kleine stapjes voorwaarts!  
Ik voel me rijk en dankbaar.
 

 

De ervaringen in het atelier zijn zo bijzonder geweest, dat ik er waarschijnlijk nog wel eens over zal schrijven!