Posts tonen met het label Liesbeth Spuybroek. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Liesbeth Spuybroek. Alle posts tonen

vrijdag 9 augustus 2013

Speuren voor de Franse belastingdienst

Als ik op het punt sta te vertrekken, schuift de dame van de Trésor Public, een beetje schuchter een papiertje onder mijn neus. Ze heeft een probleem, want er is vanuit Nederland een storting gedaan en ze kan onmogelijk ontraadselen door wie en voor wat het is. Ze heeft geen enkel aanknopingspunt. Op haar blaadje staan wat woorden vluchtig in een hoekje gekrabbeld.
Deze gegevens heeft ze telefonisch van de Banque de France doorgekregen maar aan het onduidelijke handschrift is te zien dat ze niet begreep wat ze schreef.
Op zichzelf al een vaag verhaal, aangezien elke Nederlandse betaling gepaard gaat met een omschrijving van de storting en zo niet, dan toch in ieder geval met de naam van de betaler, gewoon via de computer getypt op het afschrift.
Ergens in het stortingsproces moeten deze gegevens dus verdwenen zijn en dit is ongetwijfeld aan de Franse kant van de grens gebeurd.
Hoe het Franse banksysteem georganiseerd is, is mij een volkomen raadsel, ik vind het verschrikkelijk omslachtig. Maar ach, je moet het niet willen begrijpen, het is nu eenmaal zo, zoals met zoveel dingen in Frankrijk. Toch heeft het zeker ook zijn charme.
Doordat het zo ingewikkeld is om iets te betalen, internetbankieren nog uitgevonden moet worden, mijn bankrekening wisselvallig is en het belastingkantoor in ons dorp staat, bezoek ik eens per maand de dames van de Trésor Public om, cash en in partjes, aan onze betalingsplicht te voldoen.
Nou, ik moet zeggen het zijn schatten, deze twee dames, wat een geduld hebben zij met mij!

Want ondanks dat ik heb geaccepteerd dat het betalen omslachtig gaat, wil het nog niet zeggen dat ik er ook mee om kan gaan. Ik raak helemaal verdwaald in het losbladig systeem dat bij mij maar niet in ordners terecht wil komen.
Voor elke betaling krijg ik weer een kwitantie en weer een lijstje met aangepaste bedragen, die weer in mijn tas belanden, vervolgens een week later op het dressoir, daarna in een laatje, en met een beetje mazzel toch nog tussen alle andere rekeningen op mijn bureau.
En dan gebeurt er iets wonderlijks, het verdwijnt.
Dus altijd als ik in de haast, want voor je het weet zijn ze weer gesloten, op zoek ben naar de documenten, kan ik niets vinden.
Het gevolg is, dat ik negen van de tien keer aankom om te betalen, maar dat de dames in de computer moeten zoeken naar het soort belasting en het bedrag.
En dat kunnen nogal wat verschillende zaken zijn, aangezien we twee panden hebben en dus alles dubbel is. Sommige belasting- of wateraanslagen staan dan ook nog eens op verschillende namen. De ene keer op mijn meisjesnaam, dan weer op het Café des Arts, op Maison des Arts of op Henk Arts. De ijver waarmee de dames me altijd weer helpen is haast ontroerend. Niet één keer hebben ze gezegd dat ik maar terug moet komen als ik mijn zaakjes op orde heb. 



Nee in tegendeel, ze verschuiven handmatig zelfs nog wel eens de betalingsdatum en boetes die er van hogerhand vanwege een te late betaling zijn opgelegd, worden gewoon ge-delete uit het systeem.
Dat is zo leuk aan wonen à la Campagne, zo’n dorps betalingskantoortje maakt dat burger en staat nog erg dicht bij elkaar staan. Nu heb ik natuurlijk wel heel veel geluk met deze dames, die mij tutoyeren en het duidelijk goed met mij voor hebben.
Maar hierdoor duurt een betaling gepaard met een praatje dus al snel  twintig minuten.
Nu kan ik redelijk ongeduldig zijn maar een bezoek aan de Franse belastingdienst is altijd een aangename belevenis, het voelt alsof je iets krijgt, terwijl je toch staat te betalen.
Onze verstandhouding geeft vertrouwen, alsof de dames haast lieve tantes zijn die mij beschermen tegen strenge oom Belasting.

Waarschijnlijk is de sympathie wederzijds en vergeten zij ook de barrière staat-burger en hun rol als ambtenaar, waardoor ik nu dit papier onder mijn neus krijg.
Nieuwsgierig bekijk ik het blaadje. De dame wil weten wat de naam van de Nederlander is, of ik die misschien ken en in welk Frans dorp hij dan een huis heeft.
Op het papier staat:  ‘De heer’ en dan een naam, die maar één letter verschilt met een stad in Nederland en verder iets wat lijkt op een straatnaam.


“De Heer, betekent monsieur,” zeg ik. “Hoewel,” voeg ik er weifelend aan toe, “ als die andere naam nu zijn verkeerd gespelde woonplaats is, dan kan ‘De Heer’ ook zijn naam zijn.
Ik weet dat er in Zuid-Nederland mensen wonen die zo heten.”
Dit maakt het er allemaal niet makkelijker op.
De dame schudt haar hoofd. “Ja, wist ik maar voor welke belasting dit bedrag stond, dan kon ik het daarop terugvinden.”
“Ik wil wel op internet kijken of deze naam die op een stad lijkt, ook als achternaam bestaat. Misschien kan ik die man wel vinden," stel ik spontaan voor.
Duidelijk verlegen met de situatie, geeft ze toe dat dat misschien wel een goed idee zou zijn.
“Ah oui,” zegt ze met een beschroomd lachje, “ het is zo moeilijk met de taal, het is stom van ons maar wij spreken geen Nederlands en zelfs geen Engels.”
Toch is ze wat besluiteloos en vraagt of ik het echt niet bezwaarlijk vind.
“Mais non, ik doe het met plezier, kan ik eindelijk voor jullie ook eens iets terugdoen!” zeg ik resoluut en schrijf de naam op de achterkant van mijn kersverse kwitantie.
“Ik bel jullie vanmiddag, à tout à l’heure.”
Haha, nu ben ik ook al speurneus van de Trésorie, denk ik grinnikend bij mezelf terwijl ik, met m’n paperassen in de hand, het gebouw uitloop. Wat melig, dit kan alleen maar in Frankrijk.
Als ik thuiskom duik ik meteen nieuwsgierig achter de computer, nu wil ik het weten ook!

                        ______________________________________________________

In 2007 ben ik samen met Henk (contrabassist) verhuisd naar het Franse platteland.
Over deze wonderlijke periode heb ik een boek geschreven:

Ben je geïnteresseerd?  Via deze linken kun je het bestellen:
  Bol.com  
boek € 16,95

  Ebook  
  ebook: €4,99




uitg.: Vandorp educatief/ Grenzeloos
Het verhaal over een waarzegster en een muzikant die samen hun geluk in Frankrijk willen beproeven om daar een centrum voor muziek en levenskunst op te zetten. 

Als Lies op een avond Henk ontmoet slaan de vonken direct over. Behalve hun artiestenbestaan blijkt al snel dat ze ook hun passie voor Frankrijk delen.
Het begint met dromen over 'later als...' maar hun enthousiasme haalt de droom in. Samen storten ze zich in het avontuur en belanden van het ene toeval in het andere.
Een verhaal vol humor, over passie en durf, dromen en aanpakken, liefde en loslaten maar vooral over verwondering.
Wat kan er veel gebeuren als je gewoon ‘ja’ durft te zeggen! Zij gaan er in ieder geval vanuit dat hun idee fantastisch is en alle gebeurtenissen lijken dit ook te bevestigen…


Deel twee komt uit in september/ oktober 2014



woensdag 24 juli 2013

Part1, Gelukkig zijn we verzekerd...

Oktober 2012. Al jaren rijd ik, vanwege mijn werk als artieste, met zeer grote regelmaat het traject 'Aubusson d’Auvergne  -  Nederland' en weer terug, meestal alleen. Ik houd van autorijden en vind die acht uur alleen in de auto, terwijl ik heerlijk over het goede Franse wegennet zoef, geen belasting maar eerder ontspannend.
Ik rijd vaak ’s avonds en ‘s nachts omdat het dan rustig is op de weg. Muziekje aan en gaan.
Mijn ouders, zelf niet erg reislustig, vinden die nachtelijke ritten van mij niet zo prettig, want wat als er wat gebeurd, als ik pech krijg bijvoorbeeld, dan sta ik daar als vrouw alleen in het holst van de nacht langs de autoroute. Tot nu toe lachte ik het vrolijk weg. “Mij gebeurt niets, en daarbij ik ben toch verzekerd!”
Onlangs belandde ik met Henk dan toch in die gevreesde situatie, autopech.
Na een ontzettend leuk weekend in Nederland rijden we, op een dinsdagochtend, opgetogen en nagenietend weer naar huis. Henk heeft zijn verjaardag in Nederland gevierd en we hebben iedereen weer gezien, veel hartelijke famillie en vrienden.
Ook de auto is in goede doen want deze heeft in Nederland bij een bevriend 'mannetje' een grote beurt gehad, compleet met nieuwe distributieketting, dus niets staat een gezellige terugreis in de weg.
Alles gaat zeer voorspoedig tot, rond drie uur ’s middags, net nadat we de buitenring (N104) rond Parijs opdraaien, ineens de radio wat zachter gaat spelen en het lampje van de accu gaat branden.
Foute boel, ik verstijf achter het stuur en mijn hart slaat sneller. In paniek probeer ik tussen het drukke verkeer door van de linker naar de rechter rijbaan te komen. De boardcomputer schrijft nu met vuurrode letters STOPPEN!!
 “Oh Henk wat moeten we doen?” jammer ik met een ijl stemmetje. “Straks valt de auto hier stil op de ring.”
Na vijf minuten komt er een afslag. We slaan af en komen in een buitenwijk met veel beton, veel verkeer, veel rotondes en geen garages. “Oh, oh, oh”, kan ik alleen nog maar uitroepen.
Dan ineens, na twintig minuten cirkelen, een wonder! We zien een Speedy, een soort Quickfit. Opgelucht draaien we het terrein op. Eén persoon zit in het kantoortje te bellen en blijft maar bellen. Na twintig minuten wachten komt er een monteur die wel even wil kijken. Dynamo kapot, constateert hij. Verdorie, dat is ernstig. Maar nog erger, hij kan het niet maken want zij doen niet aan elektriciteit. Maar, hij wil ons uit de brand helpen en stelt voor een nieuwe dynamo te bestellen, die zal morgen aankomen en hij wil het wel voor een klein prijsje repareren.
We zeggen dat we ook de assistance van onze verzekering AXA kunnen bellen om ons naar een echte garage te laten verslepen. Hij maakt ons bang. “Je weet niet waar ze je heenbrengen, die garages kunnen woekerprijzen vragen omdat ze weten dat je toch geen kant meer op kunt.”

Nu hebben we naast deze autopech nog een ander, zo niet groter probleem. De auto zit afgeladen vol met veel en ook redelijk kostbare spullen zoals, cadeautjes, boeken, flessen drank, zeven kratten bier, twee basgitaren, een versterker, kleding, slaapspullen en twee honden. Waar blijven we met dit alles in een buitenwijk van Parijs?
We besluiten toch de assistance te bellen want op deze plek kunnen we echt niet blijven.
Zij sturen een sleepwagen. Wachten. Om half vijf komt hij de bocht om en na wat getob met opladen in het beginnende spitsuur, sleept hij ons naar een piepklein gehucht 40 km van Parijs. Volgens de chauffeur zijn alle garages in Parijs al gesloten. Rond zes uur komen we aan. Ook hier kan de auto niet direct gerepareerd worden.
Maar nu we via de verzekering hulp krijgen, hebben we ook recht op een hotelovernachting of een huurauto. We kiezen voor de huurauto, want dan kunnen we met de honden naar huis en kan Henk morgen in ieder geval naar zijn geplande optreden. Axa zegt dat we hiervoor een creditkaart met opstaande cijfers moeten hebben. Die hebben we niet maar we zeggen van wel. We zien wel hoe we dat straks daar weer oplossen.
Axa gaat het regelen en zegt dat ze over tien minuten terugbellen.
Twintig minuten later nog niets gehoord, ik bel zelf. Er is een probleem, ze kunnen geen vervangende auto vinden waar al onze spullen in kunnen. Ze beloven over tien minuten terug te bellen wat ze dus niet doen. Ik bel zelf en Axa zegt dat ze het opgeven en dat we maar in een hotel moeten overnachten. Ze zullen wederom over tien minuten terugbellen.
Ondertussen wordt het steeds maar later. Weer probleem, hotels die nog kamers hebben, accepteren geen honden. Half acht inmiddels, Axa belt en zegt toch een autobedrijf gevonden te hebben, alleen is het wat omslachtig want het bedrijf zit helemaal aan de andere kant van Parijs. Er zal een taxi komen om ons op te halen maar helaas zullen daar al onze spullen niet in passen. De garagehouder verzekert dat er niets met de spullen kan gebeuren want de auto staat op zijn terrein en het hek is gesloten als hij straks sluit.
Wachten, geen taxi.  Om acht uur zegt de garagehouder dat hij nu toch echt gaat sluiten. We besluiten de gitaren en versterker en wat kleding in ieder geval mee te nemen. De drank en de cadeautjes verstoppen we onder een dekbed.
De poort van de garage gaat dicht, de lichten uit en daar zitten we dan, met de honden en een groot deel van de spullen in het donker en de kou, langs de kant van de route nationale, waar de auto’s voorbij razen. De taxi blijkt dit afgelegen oord niet te kunnen vinden en komt pas aan om negen uur. Wij zijn inmiddels helemaal verkleumd.
Op naar de AVIS, het autoverhuurbedrijf. Hier komen we om kwart voor tien aan. We moeten de man uit zijn privéhuis bellen. Natuurlijk probleem met de creditkaart, maar bij hoge uitzondering en omdat hij van ons af wil op dit tijdsstip, belt hij zijn baas en accepteren ze een borg van tweehonderdvijftig euro.

We krijgen een busje. Spullen achterin, honden bij ons voorin in de piepkleine cabine. Het kleintje bij Henk op schoot en de grote op zijn voeten. Vijf uur rijden voor de boeg. Busje rijdt goed alleen hebben de koplampen een erg korte reikwijdte.
Onderweg, bij Nevers is er een niet van te voren aangegeven wegafzetting, ik zie het te laat en ram de eerste kegel. Dit geeft zulke enorme klappen dat het lijkt alsof de hele onderkant van het busje opengereten wordt.
We stoppen met hartkloppingen, een beginnende slaapaanval is volledig verdwenen.
In het pikdonker kruipt Henk onder het busje. De schade lijkt mee te vallen. Oh, laten we het hopen want wat moeten we doen als we de borg kwijt raken. Naast de reparatie die bijna zeshonderd euro zal gaan kosten, kunnen we er dat echt niet meer bij hebben!
Onderweg zien we allemaal kapot gereden kegels liggen. Blijkbaar zijn we niet de enigen die verrast zijn.  
Om vier uur ’s nachts rijden we uitgeput de parkeerplaats naast ons huis op. Thuis in de Auvergne. De volgende ochtend blijkt er een onderdeel uit de bumper van het busje te ontbreken maar Henk heeft in het donker iets van de weg gegrist, dit blijkt het ontbrekende kapje te zijn, dat is dan wel weer mazzel.
Poeh, is alles toch nog goed gekomen. Overmorgen weer terug naar Parijs en de film in tegengestelde richting afdraaien. Ik heb nu al frisse tegenzin.
Gelukkig weet ik hier nog niet wat me nog te wachten staat....
_______________________________________________________________________________


In 2007 ben ik samen met Henk (contrabassist) verhuisd naar het Franse platteland.
Over deze wonderlijke periode heb ik een boek geschreven:

Ben je geïnteresseerd?  Via deze linken kun je het bestellen:
  Bol.com  
boek € 16,95

  Ebook  
  ebook: €4,99



uitg.: Vandorp educatief/ Grenzeloos
Het verhaal over een waarzegster en een muzikant die samen hun geluk in Frankrijk willen beproeven om daar een centrum voor muziek en levenskunst op te zetten. 

Als Lies op een avond Henk ontmoet slaan de vonken direct over. Behalve hun artiestenbestaan blijkt al snel dat ze ook hun passie voor Frankrijk delen.
Het begint met dromen over 'later als...' maar hun enthousiasme haalt de droom in. Samen storten ze zich in het avontuur en belanden van het ene toeval in het andere.
Een verhaal vol humor, over passie en durf, dromen en aanpakken, liefde en loslaten maar vooral over verwondering.
Wat kan er veel gebeuren als je gewoon ‘ja’ durft te zeggen! Zij gaan er in ieder geval vanuit dat hun idee fantastisch is en alle gebeurtenissen lijken dit ook te bevestigen…


Deel twee komt uit in september/ oktober 2014