Posts tonen met het label autopech. Alle posts tonen
Posts tonen met het label autopech. Alle posts tonen

zaterdag 11 mei 2019

Heb je pech, dan krijg je mij aan de lijn!


Net voor de tolpoortjes van Fleury en bière op de A6 richting Parijs scheurt ie me voorbij, een gele motor met achterop twee grote gele zijkoffers. Ik zie nog net zoiets als “dépannage” achterop staan. En terwijl ik hem met m'n ogen volg zie ik dat hij direct na de betaalpoortjes de parkeerplaats oprijdt en stopt bij een auto.
Wat apart, die zie ik normaal nooit op de weg, zou die van de ANWB zijn? Nieuwsgierig strek ik m’n nek om nog iets meer te zien en even kom ik in de verleiding om er naartoe te gaan om me voor te stellen.
“Ach, doe niet zo stom,” vermaan ik mezelf, “die man is gewoon met z’n werk bezig en die zit echt niet op een praatje met jou te wachten!”
Al mijmerend rijd ik verder nog zo’n 450 km te gaan voor ik bij m’n moeder in Nederland ben.
De ANWB…. alleen de naam heeft voor mij al iets magisch, iets vrijbuiterigs.

Dat begon al in m’n jeugd, zodra de ‘Kampioen’ bij ons op de mat viel, wist ik niet hoe snel ik hem moest inkijken en dan vooral weg zwijmelen achterin bij de kleine advertenties van particuliere vakantiebestemmingen in het buitenland.
Helaas voor mij hielden mijn ouders niet van ‘op vakantie gaan’ en naar ‘het buitenland’ was al helemaal niet aan de orde.
Ik wel, ik droomde ervan en door die kleine advertenties kon ik toch een soort van contact maken met dat magische buitenland.
Toch hadden mijn ouders  wel iets met ‘verkeer en autorijden’. Mijn moeder was rij-instructrice en m’n vader moest voor z’n werk altijd behoorlijk wat kilometers afleggen.
Dus natuurlijk waren zij lid van de ANWB. En omdat mijn vader altijd in oude barrels reed, moest de wegenwacht er nog wel eens aan te pas komen, de redders in nood.

 Voor mij zijn die rondrijdende monteurs echt road cowboys, vrijbuiters met creatieve, originele oplossingen voor elk probleem. Je voelt dat ze begaan zijn met je auto en dat ze je niet een dure reparatie aan willen smeren. Je vertrouwt ze!
Als echte appel die niet ver van de boom valt rijd ook ik mijn hele rijbewijsleven al in oude barrels, dus ook ik heb toen ik nog in Nederland woonde mogen genieten van deze aardige ANWB pechhulp.
Zo heel anders is het dan hier in Frankrijk.
Natuurlijk heb ik via mijn Franse verzekeringsmaatschappij ook ‘auto-assistance’, en daar helaas ook al een aantal keren beroep op moeten doen, maar ondanks hun zeer goede hulp en inzet, krijg je toch niet het vertrouwde ‘wegenwacht’ gevoel.
Hier in Frankrijk gaat de hulp veel afstandelijker,  je auto wordt door een ‘dépanneur’ de weg afgesleept naar een garage, en je wordt naar een autoverhuurder of hotel gebracht door een taxi. Lang wachten overal, maar het levert wel leuke blogverhaaltjes op trouwens. Zie: ‘gelukkig zijn we verzekerd’.     Maar goed, ik dwaal af…

In Nederland word ik hartelijk begroet door m’n moeder.
“Kijk,” zegt ze, terwijl ik op het vertrouwde plekje aan de keukentafel ga zitten: “hij staat erin hoor!” Lachend schuift ze ‘de Kampioen’ onder m’n neus. Nieuwsgierig blader ik in het tijdschrift op zoek naar de advertentie. ‘Werken bij de ANWB in Lyon’, ja hoor daar staat ie. “Ze zoeken dus blijkbaar nog steeds mensen,” zegt m’n moeder meelevend.
“Nou ik ben in ieder geval alvast aangenomen,” zeg ik trots.  Vanaf 20 mei ga ik beginnen.
Lyon j’arrive…..

Dus aan alle Nederlanders die deze zomer naar Frankrijk op vakantie komen:
heb je pech, dan krijg je mij aan de lijn!




____________________________________________________________________________________________________________


In 2007 ben ik samen met Henk (contrabassist) verhuisd naar het Franse platteland.
Over deze wonderlijke periode heb ik twee boeken geschreven:
 

Ben je geïnteresseerd?
  Bol.com   
boek € 16,95 

                   Ebook 
 €4,99

uitg.: Vandorp educatief/ Grenzeloos
Het verhaal over een waarzegster en een muzikant die samen hun geluk in Frankrijk willen beproeven om daar een centrum voor muziek en levenskunst op te zetten 

Als Lies op een avond Henk ontmoet slaan de vonken direct over. Behalve hun artiestenbestaan blijkt al snel dat ze ook hun passie voor Frankrijk delen.
Het begint met dromen over 'later als...' maar hun enthousiasme haalt de droom in. Samen storten ze zich in het avontuur en belanden van het ene toeval in het andere.
Een verhaal vol humor, over passie en durf, dromen en aanpakken, liefde en loslaten maar vooral over verwondering.
Wat kan er veel gebeuren als je gewoon ‘ja’ durft te zeggen! Zij gaan er in ieder geval vanuit dat hun idee fantastisch is en alle gebeurtenissen lijken dit ook te bevestigen… 



 


zondag 22 december 2013

In z'n drie door Vichy

We hebben de laatste tijd nogal wat pech met spullen die het begeven, met name ons wagenpark is ernstig verzwakt. Mijn reis-auto, onze ‘moderne’ Peugeot 406 uit 2002, heeft een hoog fluitende Turbo waardoor we er al maanden niet echt meer mee durven rijden. En nu, sinds enkele dagen voor mijn geplande vertrek, start hij zelfs helemaal niet meer. 
Aangezien ik een optreden in Nederland heb dat ik niet af kan en wil zeggen, ben ik genoodzaakt om met onze oude Renault Espace uit 1993 op pad te gaan.
Normaal heb ik zin om te gaan, maar deze keer zie ik er tegenop, ik heb een akelig voorgevoel.
Gelukkig blijft het bij een voorgevoel en verloopt de reis goed en, weliswaar met ijskoude voeten, kom ik rond half twee 's nachts toch veilig in Nederland aan.

En nu ben ik al weer uren onderweg, terug naar Frankrijk.
De Espace tuft gestadig voort. Het feit dat we nu nog maar één auto hebben en Henk deze ook eind van de middag nodig heeft voor een optreden in Clermont-Ferrand, geeft de reis wel een extra stressfactor. 
Te beginnen met het voor mij achterlijke vroege tijdstip om op te staan, zes uur vanochtend, terwijl ik gisteren tot middernacht moest werken. Maar ik ben trots, om zeven uur zat ik achter het stuur en afgezien van enkele kleine vermoeidheidsaanvallen gaat de reis toch weer voorspoedig, de zon schijnt, ik ben blij.
De snelweg ligt inmiddels achter me en ik rijd het laatste gedeelte van de reis, die gaat over een ‘Route Nationale’.
Ik ben zojuist het dorp Bessay- sur- Allier gepasseerd, nog zo’n 85 kilometer te gaan.
Omdat het zondag is rijden er gelukkig niet zoveel vrachtwagens en ook het personenverkeer valt redelijk mee.
Na een rotonde komt er weer een lang stuk driebaansweg dus kan ik weer even ‘door’ rijden.
Ik trek op en dan gebeurt er van alles tegelijk;  ik hoor ‘Tak’ , mijn linkervoet glijdt van het pedaal af, althans zo voelt het en de motor giert. Mijn voet vindt het pedaal weer maar nu schiet ik ook nog keihard op de rem. Dat was dus het rempedaal. Ik voel met mijn voet maar kan het koppelingspedaal niet meer vinden.
Oh god, dit is foute boel! De versnelling staat nog in zijn ‘vrij’, ik heb nog wat vaart en in een reflex geef ik de versnellingspook een zet, zodat hij met enige weerstand toch nog in z’n drie valt.
“Oh nee, laat dit niet waar zijn!” roep ik uit. Er overvalt me paniek en ongeloof tegelijk, m’n hart klopt in m’n keel. Wat moet ik doen?
Nu ik weer in z’n drie rijd draait de motor weer gewoon rustig. Als ik niet beter wist zou ik denken dat er niets aan de hand was, behalve dan dat ik alleen nog maar in deze versnelling kan blijven rijden en vooral niet kan stoppen, want dan is het ‘einde reis’.
Het geluk bij dit ongeluk is dat deze weg nog zo’n acht kilometer doorgaat voordat ik bij het eerste obstakel, een dorp,  aan zal komen. Ik bel Henk, hij neemt niet op.
Mijn hoofd draait op volle toeren, hoe moet ik dit probleem aanpakken? Bijna direct belt hij me terug. “Hee Lies, waar ben je nu?” vraagt hij vrolijk, “ik kom net teruggelopen uit het hotel,” gaat hij enthousiast verder.
“Henk, uh, stop even, er is iets niet goed, ik heb geen koppeling meer, de auto is kapot!” roep ik half huilend vol zelfmedelijden door de telefoon.
Even is het stil aan de andere kant van de lijn. “Nou schiet mij maar dood, dat was het dan, nu hebben we echt niets meer en kan ik nog niet werken ook!” reageert Henk theatraal, “Ik kan nog geeneens naar je toekomen, wat een klotezooi!”
“Weet je Henk, ik kan niet zolang praten want het dorp komt in zicht, ik zie wel hoe ver ik kom. Bel mij maar niet, want ik moet me nu concentreren… ik bel je zodra ik meer weet!”
“Ok” zegt Henk verslagen, “dan ga ik de muzikanten maar bellen.”

Ik arriveer bij het dorp en heb de mazzel dat het redelijk doorrijdt, in de verte springt het stoplicht op rood. Gelukkig kan dit oude barrel wel heel erg langzaam in z’n drie, dus met een slakkegang kan ik mijn aankomst uitstellen tot het stoplicht weer op groen springt, dan gas geven en ik ben er doorheen. Op dezelfde wijze passeer ik met mijn alarmlichten aan nog enkele rotondes.
En ondertussen denk ik maar steeds; hoe moet ik in godsnaam in z’n drie dwars door Vichy ? Als ik überhaupt al bij Vichy  kan komen.  
“Oh, laat me alsjeblieft hier niet stranden!” roep ik in paniek tot wie dan ook.
Natuurlijk ben ik wel verzekerd, maar daar heb ik sinds die keer dat ik rond Parijs gestrand ben nou niet bepaald zin en zeker geen vertrouwen in. Dat wordt uren wachten, waarna ze je vervolgens naar een (dure) garage slepen, en dan moet je ook maar weer thuis zien te komen.
Als ik nu maar Vichy  kan bereiken dan kan ik daar bevriende muzikanten bellen. Maar, oh wat gebeurt er als ik ergens moet stoppen, hoe kom ik aan de kant en krijg ik dan de auto nog wel geparkeerd?
Aangezien ik echt niets anders weet te doen, tuf ik maar gewoon door en werkelijk met gigantisch veel mazzel bereik ik Cusset, het voorstadje van Vichy . Vroeger kon je hier een soort van ‘recht’ doorheen rijden, weliswaar een weg met veel stoplichten maar wel met overzichtelijke kruisingen. Dat is veranderd. Je moet nu een soort lus door kleine straatjes met verkeersdrempels maken.
“Lieve engelen, HELP ME,” zeg ik indringend.
Als in een soort trance weet ik deze smalle straatjes en kruisingen te passeren.
Van de spanning zit ik zowat met mijn neus op het stuur en mijn mond herhaalt constant dezelfde riedel; “Geen auto’s voor m’n voeten, Geen auto's voor m' voeten, groen licht! Groen licht! Groen licht!……….”
Het lukt! Ik ben inmiddels Cusset gepasseerd en rijd nu  zowaar in Vichy .
Nu moet ik van links een drukke weg op draaien op een kruispunt waar je vanwege het slechte zicht, alleen maar kunt zien of er iets aankomt door te stoppen. Geen optie voor mij dus.  “Geen auto’s voor m’n voeten! Géén auto’s voor mijn voeten, géén auto’s…!” roep ik terwijl ik de weg op schiet.
Zucht van verlichting, gelukt.  “Dank je, dank je wel!”

Het onmogelijke is gebeurd, ik ben door Vichy heen gekomen en ben nog maar veertig kilometer van huis vandaan.
Nu zal ik verdorie thuis komen ook! denk ik vastbesloten. Er volgen nog enkele stoplichten in verscheidene dorpjes die ik door handig manoeuvreren, gas geven of juist inhouden en vooral veel geluk door weet te komen.
En dan eindelijk draai ik op de laatste rotonde, met een enorme zucht van verlichting de weg naar ons huis op. Ik bel Henk, “over vijf minuten ben ik thuis!”
Zwaaiend staat hij me op te wachten. Net voor ik aankom geef ik een ruk aan de pook zodat hij in z’n ‘vrij’ schiet. Ik draai m’n auto schuin op de weg, stop en zet de motor uit. Henk loopt naar de voorbumper en duwt hem met z’n kont het terrein op naast ons andere barrel.
“Joehoe, ik ben er, eindelijk…. Wat een geluk heb ik gehad!” roep ik lachend als ik uitstap en we elkaar in de armen vallen.
“Henk, het is echt ongelooflijk dat ik Vichy  ben doorgekomen,” begin ik van opluchting te ratelen,
 “ ik kan er nog steeds niet over uit! Nou, ik heb écht wel hulp gehad van bovenaf! Ik ben nogal wat door rood gereden en steeds kwam er net niets aan, of auto’s stopten om me erlangs te laten gaan zodat ik een soort zigzag over de kruising kon.”
“Nou geweldig Lies, alleen nu maar hopen dat er geen flitskastjes bij die stoplichten stonden, ”zegt Henk nuchter.
“Nou mijn beschermengel heeft me geholpen, terwijl ik nogal wat risico’s nam, als hij geweten had dat ik hierdoor giga in de problemen zou komen had hij me wel ergens tot stilstand gebracht,” zeg ik overmoedig. Lachend stappen we ons huis in.
Een voordeel van het feit dat Henk niet kan gaan werken is dat hij nu thuis blijft. Dat is als je aankomt na zo’n lange rit wel zo gezellig!


De volgende dag is de euforie aardig ingezakt. De harde werkelijkheid dient zich weer aan; inkomsten van een optreden gemist en twee auto’s ‘en panne’ terwijl de bodem van de clubkas al meer dan in zicht is.
Soms heb je mazzel, soms heb je pech, die twee hebben duidelijk iets met elkaar. Ik geloof ook echt dat een beschermengel daar een hand in heeft.
In mijn geval heb ik gisteren ongelooflijk veel mazzel gehad! Hoewel, deze engel had natuurlijk ook best kunnen zorgen dat de auto gewoon heel bleef of, op z’n minst, het dichter bij huis zou begeven.
Maar nee, dat heb ik weer! Mijn engel houdt van actie, laat eerst de boel in de soep lopen, dan kan hij daarna als ‘troubleshooter’ goed voor de dag komen.
Ik vermoed dat hij zich met mij aardig amuseert want de laatste jaren komt mazzel nou nooit eens gewoon als mazzel, als iets wat op je pad komt en waar je een tijdje relaxed van kunt genieten.
Nee, mijn mazzel komt altijd na pech, het  zogenaamde 'geluk bij een ongeluk', wel fijn, maar liever had ik toch de mazzel om geen pech te hebben!

_____________________________________________________________________________


In 2007 ben ik samen met Henk (contrabassist) verhuisd naar het Franse platteland.
Over deze wonderlijke periode heb ik een boek geschreven:

Ben je geïnteresseerd?  Via deze linken kun je het bestellen:
  Bol.com  
boek € 16,95

  Ebook  
  ebook: €4,99


uitg.: Vandorp educatief/ Grenzeloos
Het verhaal over een waarzegster en een muzikant die samen hun geluk in Frankrijk willen beproeven om daar een centrum voor muziek en levenskunst op te zetten

Als Lies op een avond Henk ontmoet slaan de vonken direct over. Behalve hun artiestenbestaan blijkt al snel dat ze ook hun passie voor Frankrijk delen.
Het begint met dromen over 'later als...' maar hun enthousiasme haalt de droom in. Samen storten ze zich in het avontuur en belanden van het ene toeval in het andere.
Een verhaal vol humor, over passie en durf, dromen en aanpakken, liefde en loslaten maar vooral over verwondering.
Wat kan er veel gebeuren als je gewoon ‘ja’ durft te zeggen! Zij gaan er in ieder geval vanuit dat hun idee fantastisch is en alle gebeurtenissen lijken dit ook te bevestigen…


Deel twee komt uit in september/ oktober 2014  

woensdag 24 juli 2013

Part1, Gelukkig zijn we verzekerd...

Oktober 2012. Al jaren rijd ik, vanwege mijn werk als artieste, met zeer grote regelmaat het traject 'Aubusson d’Auvergne  -  Nederland' en weer terug, meestal alleen. Ik houd van autorijden en vind die acht uur alleen in de auto, terwijl ik heerlijk over het goede Franse wegennet zoef, geen belasting maar eerder ontspannend.
Ik rijd vaak ’s avonds en ‘s nachts omdat het dan rustig is op de weg. Muziekje aan en gaan.
Mijn ouders, zelf niet erg reislustig, vinden die nachtelijke ritten van mij niet zo prettig, want wat als er wat gebeurd, als ik pech krijg bijvoorbeeld, dan sta ik daar als vrouw alleen in het holst van de nacht langs de autoroute. Tot nu toe lachte ik het vrolijk weg. “Mij gebeurt niets, en daarbij ik ben toch verzekerd!”
Onlangs belandde ik met Henk dan toch in die gevreesde situatie, autopech.
Na een ontzettend leuk weekend in Nederland rijden we, op een dinsdagochtend, opgetogen en nagenietend weer naar huis. Henk heeft zijn verjaardag in Nederland gevierd en we hebben iedereen weer gezien, veel hartelijke famillie en vrienden.
Ook de auto is in goede doen want deze heeft in Nederland bij een bevriend 'mannetje' een grote beurt gehad, compleet met nieuwe distributieketting, dus niets staat een gezellige terugreis in de weg.
Alles gaat zeer voorspoedig tot, rond drie uur ’s middags, net nadat we de buitenring (N104) rond Parijs opdraaien, ineens de radio wat zachter gaat spelen en het lampje van de accu gaat branden.
Foute boel, ik verstijf achter het stuur en mijn hart slaat sneller. In paniek probeer ik tussen het drukke verkeer door van de linker naar de rechter rijbaan te komen. De boardcomputer schrijft nu met vuurrode letters STOPPEN!!
 “Oh Henk wat moeten we doen?” jammer ik met een ijl stemmetje. “Straks valt de auto hier stil op de ring.”
Na vijf minuten komt er een afslag. We slaan af en komen in een buitenwijk met veel beton, veel verkeer, veel rotondes en geen garages. “Oh, oh, oh”, kan ik alleen nog maar uitroepen.
Dan ineens, na twintig minuten cirkelen, een wonder! We zien een Speedy, een soort Quickfit. Opgelucht draaien we het terrein op. Eén persoon zit in het kantoortje te bellen en blijft maar bellen. Na twintig minuten wachten komt er een monteur die wel even wil kijken. Dynamo kapot, constateert hij. Verdorie, dat is ernstig. Maar nog erger, hij kan het niet maken want zij doen niet aan elektriciteit. Maar, hij wil ons uit de brand helpen en stelt voor een nieuwe dynamo te bestellen, die zal morgen aankomen en hij wil het wel voor een klein prijsje repareren.
We zeggen dat we ook de assistance van onze verzekering AXA kunnen bellen om ons naar een echte garage te laten verslepen. Hij maakt ons bang. “Je weet niet waar ze je heenbrengen, die garages kunnen woekerprijzen vragen omdat ze weten dat je toch geen kant meer op kunt.”

Nu hebben we naast deze autopech nog een ander, zo niet groter probleem. De auto zit afgeladen vol met veel en ook redelijk kostbare spullen zoals, cadeautjes, boeken, flessen drank, zeven kratten bier, twee basgitaren, een versterker, kleding, slaapspullen en twee honden. Waar blijven we met dit alles in een buitenwijk van Parijs?
We besluiten toch de assistance te bellen want op deze plek kunnen we echt niet blijven.
Zij sturen een sleepwagen. Wachten. Om half vijf komt hij de bocht om en na wat getob met opladen in het beginnende spitsuur, sleept hij ons naar een piepklein gehucht 40 km van Parijs. Volgens de chauffeur zijn alle garages in Parijs al gesloten. Rond zes uur komen we aan. Ook hier kan de auto niet direct gerepareerd worden.
Maar nu we via de verzekering hulp krijgen, hebben we ook recht op een hotelovernachting of een huurauto. We kiezen voor de huurauto, want dan kunnen we met de honden naar huis en kan Henk morgen in ieder geval naar zijn geplande optreden. Axa zegt dat we hiervoor een creditkaart met opstaande cijfers moeten hebben. Die hebben we niet maar we zeggen van wel. We zien wel hoe we dat straks daar weer oplossen.
Axa gaat het regelen en zegt dat ze over tien minuten terugbellen.
Twintig minuten later nog niets gehoord, ik bel zelf. Er is een probleem, ze kunnen geen vervangende auto vinden waar al onze spullen in kunnen. Ze beloven over tien minuten terug te bellen wat ze dus niet doen. Ik bel zelf en Axa zegt dat ze het opgeven en dat we maar in een hotel moeten overnachten. Ze zullen wederom over tien minuten terugbellen.
Ondertussen wordt het steeds maar later. Weer probleem, hotels die nog kamers hebben, accepteren geen honden. Half acht inmiddels, Axa belt en zegt toch een autobedrijf gevonden te hebben, alleen is het wat omslachtig want het bedrijf zit helemaal aan de andere kant van Parijs. Er zal een taxi komen om ons op te halen maar helaas zullen daar al onze spullen niet in passen. De garagehouder verzekert dat er niets met de spullen kan gebeuren want de auto staat op zijn terrein en het hek is gesloten als hij straks sluit.
Wachten, geen taxi.  Om acht uur zegt de garagehouder dat hij nu toch echt gaat sluiten. We besluiten de gitaren en versterker en wat kleding in ieder geval mee te nemen. De drank en de cadeautjes verstoppen we onder een dekbed.
De poort van de garage gaat dicht, de lichten uit en daar zitten we dan, met de honden en een groot deel van de spullen in het donker en de kou, langs de kant van de route nationale, waar de auto’s voorbij razen. De taxi blijkt dit afgelegen oord niet te kunnen vinden en komt pas aan om negen uur. Wij zijn inmiddels helemaal verkleumd.
Op naar de AVIS, het autoverhuurbedrijf. Hier komen we om kwart voor tien aan. We moeten de man uit zijn privéhuis bellen. Natuurlijk probleem met de creditkaart, maar bij hoge uitzondering en omdat hij van ons af wil op dit tijdsstip, belt hij zijn baas en accepteren ze een borg van tweehonderdvijftig euro.

We krijgen een busje. Spullen achterin, honden bij ons voorin in de piepkleine cabine. Het kleintje bij Henk op schoot en de grote op zijn voeten. Vijf uur rijden voor de boeg. Busje rijdt goed alleen hebben de koplampen een erg korte reikwijdte.
Onderweg, bij Nevers is er een niet van te voren aangegeven wegafzetting, ik zie het te laat en ram de eerste kegel. Dit geeft zulke enorme klappen dat het lijkt alsof de hele onderkant van het busje opengereten wordt.
We stoppen met hartkloppingen, een beginnende slaapaanval is volledig verdwenen.
In het pikdonker kruipt Henk onder het busje. De schade lijkt mee te vallen. Oh, laten we het hopen want wat moeten we doen als we de borg kwijt raken. Naast de reparatie die bijna zeshonderd euro zal gaan kosten, kunnen we er dat echt niet meer bij hebben!
Onderweg zien we allemaal kapot gereden kegels liggen. Blijkbaar zijn we niet de enigen die verrast zijn.  
Om vier uur ’s nachts rijden we uitgeput de parkeerplaats naast ons huis op. Thuis in de Auvergne. De volgende ochtend blijkt er een onderdeel uit de bumper van het busje te ontbreken maar Henk heeft in het donker iets van de weg gegrist, dit blijkt het ontbrekende kapje te zijn, dat is dan wel weer mazzel.
Poeh, is alles toch nog goed gekomen. Overmorgen weer terug naar Parijs en de film in tegengestelde richting afdraaien. Ik heb nu al frisse tegenzin.
Gelukkig weet ik hier nog niet wat me nog te wachten staat....
_______________________________________________________________________________


In 2007 ben ik samen met Henk (contrabassist) verhuisd naar het Franse platteland.
Over deze wonderlijke periode heb ik een boek geschreven:

Ben je geïnteresseerd?  Via deze linken kun je het bestellen:
  Bol.com  
boek € 16,95

  Ebook  
  ebook: €4,99



uitg.: Vandorp educatief/ Grenzeloos
Het verhaal over een waarzegster en een muzikant die samen hun geluk in Frankrijk willen beproeven om daar een centrum voor muziek en levenskunst op te zetten

Als Lies op een avond Henk ontmoet slaan de vonken direct over. Behalve hun artiestenbestaan blijkt al snel dat ze ook hun passie voor Frankrijk delen.
Het begint met dromen over 'later als...' maar hun enthousiasme haalt de droom in. Samen storten ze zich in het avontuur en belanden van het ene toeval in het andere.
Een verhaal vol humor, over passie en durf, dromen en aanpakken, liefde en loslaten maar vooral over verwondering.
Wat kan er veel gebeuren als je gewoon ‘ja’ durft te zeggen! Zij gaan er in ieder geval vanuit dat hun idee fantastisch is en alle gebeurtenissen lijken dit ook te bevestigen…


Deel twee komt uit in september/ oktober 2014

part.2, Gelukkig zijn we verzekerd...

Donderdagochtend tien uur vertrek ik weer naar AVIS in Parijs, het voorstadje ligt westelijk van het centrum, voor mij precies aan de verkeerde kant van Parijs. De planning is om daar om drie uur aan te komen. Op de A6, voor Parijs file. Ik sta anderhalf uur stil. Hierdoor kom ik laat aan op de Périphérique. Ik moet dwars door Parijs heen en heb geen GPS en nog wel uit principe. Dat bij deze kan gaan varen!
De route, die ik thuis had uitgeprint, blijkt midden in het centrum, gedurende vier kilometer, hevige verkeershinder te hebben. Ze werken aan een reparatie of aanleg van de Tram- of Metrolijn. De hele  middenberm is één grote bouwput. 
‘Deze weg  vermijden!’ staat er op een bord. Ik weet geen andere weg. Zie ineens ook geen borden meer van het voorstadje. Ik twijfel en draai om en kom erachter dat ik toch goed zat. Aangezien hier alles éénrichtingverkeer is vlieg ik met het busje over een aantal stoepen, om toch weer terug op die weg te komen en sluit wederom aan in de file. Het is hectisch, aangezien er geen echte weg meer is maar meer een stofpad naast die bouwput, houdt niemand zich meer aan de verkeersregels en voegt iedereen maar kriskras in en uit. Wat een ellende want ik moet ook nog ergens zien te tanken.
Net voor ik bij AVIS ben zie ik gelukkig een tankstation. Deze werkt alleen op bankpasjes. Weer probleem, om onverklaarbare reden doet mijn Franse pasje niets, dus geen diesel.
Dan maar doorrijden naar AVIS, ik ben er in ieder geval aangekomen.
Ik vraag of ik de auto ook gewoon bij hen af kan tanken. Dat kan, maar dan wordt het drie euro per liter. Dat is te gek, dus weer op zoek naar een tankstation.
Het is half zes en ik rijd de file weer in. Zij zullen alvast Axa bellen om tijd te winnen, zodat die alvast een taxi kunnen bellen om mij naar de garage naar die verloren plek aan de oostkant van de stad te brengen.
Bij het tankstation is er weer ellende want ook hier doet mijn pas het niet. Omdat ik haast heb en zo even geen andere oplossing weet betaal ik dan maar contant van het geld dat ik voor de reparatie bij me heb. Zometeen heb ik daar dus te weinig geld. Ondertussen ben ik murw, eerst dit probleem oplossen de rest zie ik straks wel weer.

Een half uur later ben ik weer terug bij AVIS en heb aan alle voorwaarden voldaan. Axa heeft nog geen taxi geregeld, er blijken weer eens problemen te zijn met het vinden van een taxi, ze zullen over tien minuten terugbellen.
Na twintig minuten belt Axa en zegt dat ik de huurauto nog maar een dag moet lenen want het is te laat om nog naar de garage te gaan.
Nu raak ik toch echt in paniek, ik heb geen geld waar moet ik blijven? Ik bel zelf de garage en vraag smekend of ze op me willen wachten. Ze beloven tot acht uur open te blijven.
AVIS belt Axa dat er toch een taxi moet komen. Axa  twijfelt of we het gaan halen want er is overal file. Het toeval wil dat er juist vandaag ook nog staking is bij het openbaar vervoer, waardoor bijna alle taxis bezet zijn en al het verkeer in en om de stad nu helemaal plat ligt. Axa belooft terug te bellen en doet het niet.
AVIS belt nog drie keer want ook bij hen dringt de tijd, ze gaan sluiten om zeven uur. Dat is over tien minuten. Axa kan nog niets concreets beloven en de bedrijfsleider van AVIS is zo vriendelijk om toch nog even op kantoor te blijven en met mij te wachten op antwoord.
Half acht nog geen teken van Axa.
Ik bel weer naar de garage maar er wordt niet opgenomen. Weer paniek, straks sta ik daar met mijn taxi in the middle of nowhere en dan zijn ze er niet meer. Normaal gesproken ben ik redelijk stressbestendig maar ik trek het even niet meer, ik ben moe en op van de zenuwen. Ik heb niets bij me, geen spullen voor mijn lenzen, geen slaapspullen, niets te eten, niet genoeg geld voor een hotel en het begint al aardig koud te worden 's nachts. Ik heb nog niet eens een jas bij me. Ik kan mijn tranen niet meer bedwingen, bibberig zit ik te sniffen op mijn stoel.
Om tien voor acht arriveert de taxi. Ik spring haast een gat in de lucht. Nadat ik de mensen van AVIS heel hartelijk bedankt heb, vertrek ik dan eindelijk richting mijn auto.
En nu hebben we eindelijk eens wat geluk want vanwege het tijdsstip zijn er inmiddels minder files en de taxichauffeur is bereid om wat gas bij te geven. Volgens zijn routeplanner zullen we er over drie kwartier zijn. Ik probeer toch nog de garage te bellen, gelukkig, de man neemt nu wel op. Ik zeg dat ik in de taxi zit en lieg dat we er over 35 minuten zijn. De man zegt dat ik op moet schieten want hij heeft een afspraak.
In de buurt van de garage raakt ook deze taxi gps het spoor bijster. Ik vis nog een uitgeprint kaartje uit mijn tas. We zitten in de buurt, nog een rotonde en een dorp door en dan komen we op de weg van de garage. Al met al is de reis toch redelijk snel gegaan het is half negen als we aankomen.

Over tot betaling. Aangezien ik vijenveertig euro opgebruikt heb aan gasolie kom ik dat nu tekort. Ik tel al het kleingeld bij elkaar en kom best ver, maar ik mis toch twintig euro. Als afleiding vraag ik of ik het mag pinnen maar de man heeft het apparaat al opgeborgen. 
Ik trek mijn meest hulpeloze en betrouwbare gezicht en vraag hem of ik het geld dan op mag sturen. De man doet moeilijk.
Dan heb ik een idee. In de auto zit nog de drank die over was van het feestje van Henk. Ik betaal met vier kratten Heineken. Het kan me allemaal niks meer schelen als ik maar weg kan hier.
En dan hè hè, zit ik eindelijk in mijn auto maar zonder één cent op zak. Ik rijd richting rondweg, de opritten gaan alleen richting vliegveld en dat is precies de verkeerde kant op. Ik dwaal wat over het donkere platteland en kom uiteindelijk bij een goede oprit.
Ik bedenk me dat ik zonder geld dus ook niet over de tolweg kan en ik weet ook niet of ik het ga redden  met de dieselolie.
Als ik door de stad Melun kom zie ik een pinautomaat. Toch nog eens proberen. De Franse pas is nog steeds geblokkeerd, ik snap er niets van. Zonder veel hoop, probeer ik nog even een Nederlandse pas, die ik zelden gebruik en warempel ik kan pinnen. Ik slaag een zucht van verlichting en ga weer richting A6 de tolweg op.
De auto rijdt verder erg goed en om twee uur ‘s nachts ben ik thuis.... volledig uitgeput!  Als ik de volgende dag mijn moeder bel om het verhaal in geuren en kleuren te vertellen, antwoordt ze bezorgd: "Ga nu de volgende keer toch maar overdag rijden hoor." Ik wuif het weg. "Het is altijd een risico, maar ach, ik ben toch verzekerd." grap ik erachteraan.
Volgende week vrijdag is het weer zover en ga ik weer vol goede moed op weg naar Nederland voor een optreden, gelukkig zit ik dan weer alleen in de auto!

_______________________________________________________________________________


In 2007 ben ik samen met Henk (contrabassist) verhuisd naar het Franse platteland.
Over deze wonderlijke periode heb ik een boek geschreven:

Ben je geïnteresseerd?  Via deze linken kun je het bestellen:
  Bol.com  
boek € 16,95

  Ebook  
  ebook: €4,99

 

uitg.: Vandorp educatief/ Grenzeloos
Het verhaal over een waarzegster en een muzikant die samen hun geluk in Frankrijk willen beproeven om daar een centrum voor muziek en levenskunst op te zetten

Als Lies op een avond Henk ontmoet slaan de vonken direct over. Behalve hun artiestenbestaan blijkt al snel dat ze ook hun passie voor Frankrijk delen.
Het begint met dromen over 'later als...' maar hun enthousiasme haalt de droom in. Samen storten ze zich in het avontuur en belanden van het ene toeval in het andere.
Een verhaal vol humor, over passie en durf, dromen en aanpakken, liefde en loslaten maar vooral over verwondering.
Wat kan er veel gebeuren als je gewoon ‘ja’ durft te zeggen! Zij gaan er in ieder geval vanuit dat hun idee fantastisch is en alle gebeurtenissen lijken dit ook te bevestigen…


Deel twee komt uit in september/ oktober 2014